Sluiten

Van oude drukkerij tot ecologisch cohousingproject

Van oude drukkerij tot

ecologisch cohousingproject

 

De oude drukkerij Onzea in Borgerhout krijgt nieuwe bewoners.
Een groep cohousers maakt er plannen voor een appartementsgebouw met enkele gedeelde ruimtes. Voor de architecten van Archi4 is InDruk een boeiend project.

InDruk, het eerste cohousingproject in Borgerhout is een verhaal van lange adem. ”We zijn al lang met dit project bezig”, vertelt architect Steven Bydekerke van Archi4.

De schoonfamilie van mijn collega had een drukkerij, maar het grootste deel van de activiteiten verhuisde naar Brasschaat. Bijgevolg zou het pand in Borgerhout leeg komen te staan. De eigenaar vond dat er iets mee moest gebeuren en dacht aan een groot woonproject.”

“Op een gegeven moment hoorden we dat een groep cohousers op zoek was naar een site. We hebben met hen contact opgenomen via Cohousing Projects. En zo is het balletje aan het rollen gegaan.



Indrukwekkend woonproject

Ondertussen heeft de groep een optie op de grond genomen. Zo is het project vrij ver gevorderd.

We wachten nu op de goedkeuring van onze bouwaanvraag. Daarnaast werken we volop aan de voorbereidingen op het uitvoeringsdossier. We vermoeden te kunnen starten met de afbraak en de bouw in het voorjaar van 2018.”

 

Hoewel het voor Archi4 het eerste cohousingproject is, hebben ze er wel affiniteit mee.

Dit project ligt in de lijn van wat we doen als bio-ecologisch ontwerpatelier. We houden ons daarbij bezig met het milieu en de gezondheid van de bewoners, fysiek maar ook sociaal. Het weerspiegelt voor ons een ideale woonvorm: allemaal samenleven in een stad, en dingen delen. Het spreekt voor zich dat we de woonunits ook aan de BEN-norm zullen laten voldoen.

Het uitwerken van een cohousingproject is intensiever dan andere bouwprojecten en heeft andere aandachtspunten.

Als architect zit je samen met een groep waarvan de samenstelling in het begin nog wijzigt. Er komen telkens meer groepsleden bij naarmate er meer appartementen worden verkocht. Onze ambitie is om maximaal rekening te houden met de wensen van elke bewoner. En dat maakt het wat complexer.”


“Bij een ander project maak je eerst een algemene tekening die dan verder besproken wordt. Nu spreken we voor elk appartement met elke bewoner afzonderlijk. Maar er moeten ook gemeenschappelijke voorzieningen zijn. Die wisselwerking tussen afzonderlijk en gemeenschappelijk is het belangrijkste aspect van cohousing.”

 

“De focus ligt dan ook op samenleven, niet alleen een ruimte delen. Dat heeft een impact op het ontwerp. Ontmoetingen tussen bewoners onderling zijn belangrijk. Daarom besloten we om een soort van toegangspasserelle te ontwikkelen voor InDruk. Daar kunnen de bewoners elkaar treffen op weg naar hun appartement.”

 

Steven waarschuwt wel dat het samenleven niet vanzelfsprekend is. “Ik denk dat mensen die in een cohousingproject willen stappen eerst en vooral geëngageerd moeten zijn. Ze moeten leren om in groep beslissingen te nemen. Dat is een leerproces, want iedereen wil natuurlijk zijn zegje doen, zeker over de gemeenschappelijke zaken.”

Je moet daarin een consensus kunnen sluiten. In zo’n groep wordt alles gezamenlijk besloten en dat wil dus ook zeggen dat je moet denken voor de groep in plaats van voor jezelf. Anderzijds krijg je naast buren er ook een extra gezin bij, dat maakt cohousing juist zo leuk en interessant.

Momenteel is er geen specifiek wettelijk kader voor cohousing. Steven: “Er zijn wel een aantal zaken waaraan je moet voldoen op het vlak van onder andere toegankelijkheid en brandveiligheid. Maar die regels gelden ook voor gewone appartementsgebouwen.”

“Er moet wel een kader komen. Zeker om een geschikte plaats te vinden. Dat is momenteel een probleem. In veel gevallen krijgen cohousingroepen te horen dat ze er geen project mogen starten. Maar daar komt gelukkig wat beweging in.